Het mysterie van ‘Alle Geesten’


Yehe, als huurzwaard ook bekend onder de naam Whitecrane, had in de haven al geruchten opgevangen, dat Kapitein Jona van het schip ‘Alle Geesten’ opnieuw avonturiers zocht om zijn uitgedunde bemanning aan te vullen. Dat kwam Yehe wel goed uit, de buit van zijn vorige avontuur was ondertussen helemaal opgegaan aan het goede leven… Dat ‘Alle Geesten’ de reputatie had van spookschip, kon Yehe niets schelen, dat soort sterke verhalen werden wel meer verteld na een paar slokken rum. Nu was de reputatie van de kapitein wel bekend, Yehe was hem reeds eerder tijdens de vaart tegengekomen, de ene keer als bondgenoot en de andere keer als concurrent, zo gaan die dingen bij de Broederschap van de Zee. Op weg naar taveerne ‘de Kat’ passeerde Yehe een vrouw, gehuld in wijde kleren, die echter niet konden verhullen dat zij zwaar bewapend was: een koppel pistolen, een werpbijl en een sabel. Als groet plaatste Yehe zijn rechtervuist op zijn borst (waarbij hij terloops controleerde of de bandolier van de zwaardschede op zijn rug goed zat), zijn linkerhand zwaaide losjes langs zijn linkerheup (waar zijn langmes op grijpafstand lag). De vrouw keek niet op of om, ze trok haar gezicht (dat verborgen was onder een wijde pet en lange haren) nog dieper tussen de schouders en liep in de richting van de haven, terwijl ze Yehe aan zijn linkerhand passeerde. In het voorbijgaan observeerde Yehe haar nog vanuit zijn ooghoek, het moment was snel voorbij. Daar was de Taveerne! Zo’n twintig passen voor Yehe ging net een man met een houten been naar binnen, op zijn linkerschouder zat een vuilbekkende papegaai. Yehe herkende meteen Kapitein Jona, die meteen een luidruchtige uitwisseling had met de waard. Bij het binnenkomen zag Yehe in een donkere hoek een mooie vrouw verscholen, maar toen ze zijn blik zag keek ze hem stuurs aan met een uitdrukking van ‘blijf van mijn lijf’, met een innerlijke zucht liep Yehe verder naar de bar om de Kapitein te begroeten: "Ahoi Jona! Long time no see, matey!"

Advertenties

18 gedachten over “Het mysterie van ‘Alle Geesten’

  1. Yehe pakte de twee kroezen bier aan, die de barman aanreikte, en gaf er eentje aan Jona.

    “Met jou, Jona, is er altijd wel een avontuur te beleven, dus deze keer vaar ik met je mee! Op een goede vaart, veel buit en mooie vrouwen, proost!”

    Jona nam tegelijk met Yehe een flinke slok, het volgende moment liep hij rood aan en moest hij hoesten en proesten.
    “Dit bocht is nog erger dan Portugeze rum”

    Yehe dronk met een stalen gezicht door (hij had bij het overhandigen van het bier aan Jona met een snelle handbeweging wat poeder in de kroes gestrooid, niets schadelijk maar wel onsmakelijk).
    “Hoeveel zwaarden heb je nu al kunnen verzamelen?”

  2. Nadat Kapitein Jona was bekomen van zijn koppige kroes bier, kreeg hij eindelijk genoeg ademruimte om alle passagiers voor zijn schip op te roepen, vervolgens liep hij in een rap bonk-stap tempo de kroeg uit.

    De mooie vrouw met het boze oog verliet haar schuilhoek, en liep eveneens naar buiten.

    Yehe had tijdens zijn gesprek met de Kapitein vanuit zijn ooghoek reeds gezien, dat de mooie vrouw voortdurend haar omgeving scherp observeerde, ze leek hem wel een pittige tante, zeker geen stoeipoes.

    In een kalm tempo dronk Yehe zijn kroes bier leeg, hij verliet de kroeg om aan te monsteren op het schip.

    Bij het schip aangekomen, zag hij zo’n typisch aan lager wal geraakte avonturier voor zich uit lopen, terwijl aan de kade een tweetal vrouwen van de zon aan het genieten waren: één daarvan was de mooie vrouw met het boze oog, de ander was een wat vage vrouw met onopvallende verschijning.
    In het voorbijgaan keek Yehe wat nauwkeuriger naar de mooie vrouw:
    Goed bewapend met sabel en pistool, lapje om haar ándere oog, en zo’n modieuze praatvogel op haar schouder.
    De andere vrouw vond hij maar moeilijk te plaatsen, het leek wel alsof ze zich opzettelijk onopvallend kleedde.
    De vrouwen keken elkaar aan en liepen vervolgens naar het schip, de mooie voorop.

    Yehe bekeek kritisch het schip: het had zeker een opknapbeurt nodig!
    Hij had nu wel genoeg gezien, het werd tijd om aan boord te gaan, en kennis te maken met de rest van de bemanning.
    Nog meer vrouwen, een paar had hij al eerder ontmoet, maar een paar waren hem onbekend: nog zo’n oog-lappen vrouw met een stevige roker in de mond, een andere mooie meid met pluimhoed en stevige voorgevel, en uit een kajuit kwam nog eentje met slaapkamerogen.
    Verder een paar mannen waarvan hij de zwerver reeds had gezien, en dan nog een vadsige kerel die afwachtend keek naar kapitein Jona.

    Er waren ongeveer evenveel vrouwen als mannen, Kapitein Jona moest wel heel erg verlegen zijn om bemanning!

  3. Terwijl het dek grondig werd schoongeschrobt, inspecteerde Yehe het schip van kiel tot kraaiennest, van boegbeeld tot achterdek, notitie nemend van elke bloedvlek en andere gebreken, om vervolgens rapport uit te brengen aan Kapitein Jona:

    ‘Het valt me op dat het laadruim het meeste stinkt naar bloed, maar nergens ratten te vinden in het hele schip, hier klopt iets niet; ik zie iets over het hoofd maar kan er niet opkomen!’

  4. Na zijn inspectieronde hielp Yehe nog met het afruimen van de laatste restjes rommel, bijna iedereen had goed meegeholpen met het schip schoon te schrobben.

    Bij het avondeten kon iedereen met elkaar kennismaken, vooral Tudor mengde zich goed tussen de dames Moonpearl en Lavender, Smokingbeaver hield zich waakzaam op de achtergrond, Sinnamon was op mannenjacht, Danielle was alweer haar nest in (wat een slaapkop!), waar was Vlavia nu gebleven?
    En hoe zat het nu met die zwaarbewapende vrouw die Yehe nog richting schip had zien lopen, maar die daarna spoorloos was verdwenen?

    ‘Ik mis iets, maar ik weet niet wat ik mis’ bromde Yehe. ‘Tijd om onder zeil te gaan’. Moonpearl was al haar kajuit in, Tudor was nog aan het sjansen met Lavender.

    ‘Genoeg gepieker, ik ga naar bed, goedenacht mensen!

  5. Kapitein Jona had al op de eerste dag van de zeereis aangekondigd dat er een weerwolf in mensengedaante aan boord was, maar wie kon dat zijn?

    Yehe had al vermoedens wie het wel kon zijn en wie niet, maar weerhield zich vooralsnog van overhaaste uitspraken, hij vond het niet zijn taak om Grote Broer te spelen.

    Anderen waren veel sneller met het uiten van beschuldigingen over en weer, voor het gevoel van Yehe eerder gebaseerd op wederzijdse antipathie dan tastbare bewijzen.

    Vlavia beweerde dat ze bloedsporen had bemerkt in een kist die eerder nog gesloten was, ze verklaarde de bloedvlekken aan haar broek uit de veronderstelling dat ze onbewust haar hand eraan had afgeveegd.

    Yehe vond het een aardig overtuigend klinkend verhaal, het was in ieder geval niet het cliché van de maandelijkse vrouwenongemakken.

    Hij bleef maar denken aan die zwaarbewapende vrouw, die hij destijds nog aan de haven had zien rondscharrelen bij het schip, waar zou ze nu uithangen?

  6. Op een gunstig moment, toen alle geregistreerde bemanningsleden bij elkaar waren voor een eet en drink-pauze, nam Yehe het woord:

    “Beste mensen, aan het begin van deze reis heb ik het hele schip doorlopen van boeg tot roer en van kiel tot kraaiiennest, maar als we Vlavia mogen geloven waren er sporen van een weerwolf bij een kist in het laadruimte; het is heel goed mogelijk dat er nog meer van dit soort onontdekte schuilplekken door mij over het hoofd waren gezien, ik liep al heel lang me af te vragen wat ik allemaal vergeten was.
    Laten we heel systematisch met z’n allen het schip uitkammen, en vooral niet vergeten om alle kisten, vaten, hutkoffers te controleren, wie helpt me mee?”

  7. Yehe volgde Vlavia naar de plek waar zij de weerwolvenkist gevonden zou hebben, onderweg onderzocht hij alle mogelijke schuilhoeken die hij bij zijn vorige inspectieronde over het hoofd had kunnen zien.

  8. Yehe en Vlavia waren bij de weerwolfkist aangekomen, en onderzochten deze als eerste op sporen.

    “Het zijn inderdaad nogal wat kisten die we moeten onderzoeken, maar daar zit niets anders op” zuchtte Yehe, en hij begon met de volgende kisten te onderzoeken….

  9. Bijna iedereen hielp mee, de onderzoekers gingen in een rap tempo door de kisten heen.
    Yehe maakte meteen een inventarisatielijst:
    voorraden geconserveerd voedsel en drank, reparatiemateriaal, wapens, munitie, handelswaar, tot zover weinig bijzonders.

    “Wacht even, deze kist was reeds eerder opengemaakt, er ontbreekt wat etenswaar”

  10. Eén kist met voedselvoorraden was dus al aangebroken; wat eten en drinken, voldoende voor een dagje eten voor een normaal mens, was verdwenen…

    Yehe ontdekte nog een aantal sinistere dingen in een hoek nabij de weerwolvenkist: afgekloven mensenbotten!

    Verder in het ruim, vond hij een kist met daarin een mysterieuze glazen bol en andere merkwaardige zaken, zoals wat kruiden en een flesje met een groene vloeistof.

    Hij rook aan de kruiden, deed de fles open en rook voorzichtig…

    “Hm… ginseng, tijgerballen, hoorn van rhinoceros… krachtig spul”

    Als laatste kwam hij bij een verdacht schoon uitziende krat…

    “Kijk eens wie we hier hebben”

    Als een duveltje uit een doosje verscheen daar de zwaarbewapende vrouw waaran Yehe al die tijd moest denken.

    “Wie ben jij?”

    Caitlin“zei ze.

  11. Terwijl verdenkingen over en weer luidskeels werden geuit, twijfelde Yehe nog geruime tijd over degene die hij definitief als hoofdverdachte zou aanwijzen.

    Op de eerste plaats dacht hij aan Caitlyn, zo’n verstekeling was toch wel verdacht!

  12. Na de ontmaskering van Danielle als weerwolf, ging Yehe in gedachten de overblijvende bemanningsleden langs, volgens zijn berekening moest er nog minstens één weerwolf zich als mens voordoen, dat had Danielle nog zelf toegegeven toen ze overboord werd gegooid, maar wie?

    Nog meer dan voldoende keuze uit mogelijke verdachten:

    Caitlyn, Lavender, Moon Pearl, Sinnamon, Smokingbeaver, Tudor, Vlavia.

    Yehe moest maar goed blijven opletten, iemand zoals die Tudor haalde steeds van die rare boevenstreken uit, hij had de tabak van Kapitein Jona gesnaaid en met het zwaard van Yehe lopen spelen

    Hoewel, Tudor behoorde tot degenen die Danielle had veroordeeld, samen met MoonPearl en Sinnamon, de rest van de stemmen waren zeer verdeeld over Sinnamon, Smokingbeaver, Tudor en Caitlyn.

    Degenen die de weerwolf hadden veroordeeld konden toch geen weerwolven zijn?

    Hoewel, als zij denken dat wij denken dat een weerwolf nooit een weerwolf zal veroordelen…

    “Hiervan krijg ik kronkels in mijn kop” bromde Yehe!

  13. Yehe zat weer te piekeren over waarschijnlijke verdachten:
    Tudor, MoonPearl en Sinnamon hadden de weerwolf Danielle ontmaskert, het leek hem onwaarschijnlijk dat zijzelf allemaal weerwolven zouden zijn.
    Caitlyn viel bij nader inzien toch wel mee, maar hoe zat dat met Lavender, Smokingbeaver en Vlavia?
    Oh ja, Smokingbeaver had ook meegedaan aan de ontmaskering van Danielle, dat was Yehe helemaal vergeten!
    Blijft over: Lavender vs Vlavia…

    Yehe wierp een munt omhoog en keek naar het resultaat: Kop!

    “OK, volgens mij is Vlavia een weerwolf”

  14. Yehe was verbijsterd, toen Vlavia overtuigend onthulde dat zij Priesteres was. “Muntjes werpen zijn niet onfeilbaar” bromde hij.

    Door wijwater over Yehe heen te gooien probeerde Vlavia een weerwolf te ontmaskeren, maar toen Yehe daar niet op reageerde bleken zij allebei geen weerwolf te zijn.

    “Nu zijn we allebei wel duidelijk doelwit voor de ware weerwolf” zuchtte Yehe. “Hopelijk blijven onze beschermengelen nog waakzaam!”

    Had ik het toch mis met Lavender?

  15. Na een nachtje slapen, blijkt die oude boef Tudor gegrepen te zijn door een weerwolf!
    De lijst van mogelijke verdachten werd steeds kleiner.

    “Dit moet het werk geweest zijn van Lavender” bromde Yehe.

  16. Yehe liep te ijsberen op het dek, druk mompelend terwijl hij een dekzwabber systematisch haartje voor haartje kaalplukte:
    “Zij is het, hij is het, zij is het niet, hij is het niet, hij is het wel, zij is het wel….”
    Zo nu en dan keek hij wazig alsof hij luisterde naar stemmen die alleen hij kon horen.

  17. Yehe was al een paar dagen heel erg stil, sinds de bemanning via een democratische stemming een onschuldige had veroordeeld tot de haaien, en nu was een onschuldige vermoord door de heks.

    “Tot mijn spijt moet ik tot de conclusie komen dat Caitlyn een weerwolf is” bromde hij droevig.

  18. Yehe had na lang nadenken alles heel helder voor ogen:

    Moonpearl was onschuldig veroordeeld, Sinnamon was ten onrechte vergiftigd door de heks Lavender.

    Vlavia was als priesteres duidelijk onschuldig, Smokingbeaver had een aanval van de weerwolven overleefd dankzij de hulp van de heks, dus bleef Caitlyn over als enige mogelijke verdachte!

    De overige bemanningsleden waren het helemaal eens met deze conclusie, Caitlyn de weerwolf werd ter dood veroordeeld!

    Vlavia de Priesteres, Smokingbeaver, Yehe de beschermengel en Lavender de heks hebben van de weerwolven gewonnen !!!

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s